We willen allemaal graag dat ons dier gezond is: een mooie vacht, een goed gebit en  voldoende energie. Net zoals bij mensen is de gezondheid van je hond te bevorderen of te verbeteren. Bijvoorbeeld met fytotherapie: een behandeling met plantaardige middelen. Of makkelijker: met planten (je leest ook wel ‘kruiden’) in hondenvoer.

Al is je hond niet ziek, dat wil nog niet zeggen dat-ie blakend gezond is. En daarom gebruiken we, ook bij dieren, al duizenden jaren kruiden — om die gezondheid te bevorderen. Een gezonde hond beweegt dagelijks minimaal 30 minuten zonder klachten, heeft voldoende energie om te spelen, heeft een normaal gewicht voor de grootte en heeft schone tanden zonder gele of bruine aanslag en zonder tandsteen.


Wat is fytotherapie precies?

Fytotherapie is de geneeskunde die gebruikmaakt van de natuurlijke eigenschappen van kruiden. Planten als medicijn gebruiken is een eeuwenoude traditie: vroeger gebruikten we gewas, modder, zon, water en planten om pijn en klachten te verlichten. Deze vorm van geneeskunde is weer in opkomst en dat is dus niet voor niets.

Kijken we specifiek naar honden, dan is het toevoegen van de juiste delen van planten aan het voer vaak heel waardevol. De stoffen van de plant verlichten niet alleen de klacht — ze ondersteunen ook op een natuurlijke manier de algehele gezondheid van je hond. Het helpt bij een gezonde spijsvertering en een goede nier- en leverfunctie. Deze organen filteren afvalstoffen, dus wat ondersteuning is mooi meegenomen. En dat doe je met de juiste mix van kruiden!

Waarom zijn die planten dan zo gezond voor mijn hond?

Kruiden zijn zo gezond door het proces binnenin. Planten nemen voedingsstoffen op uit de grond om te groeien. De plant zet de voedingsstof om in bruikbare stoffen, zoals glucose, eiwitten en vetten. Dit zijn de basisstoffen waar een plant van leeft.

Om op langere termijn te overleven, heeft een plant meer stoffen nodig: de secundaire stoffen. Dit zijn stoffen die bacteriën en schimmels weren. Om dat te doen, maakt een plant enorm veel werkzame stoffen aan en het is dus letterlijk van levensbelang dat het ook écht werkt. Deze stoffen maken de planten uniek en zorgen voor het voedingsvoordeel voor je hond.

“Maar, eh, een hond eet toch helemaal geen planten?

Nou, indirect zeker wel! De voorouders van de hond zoals we die nu kennen, waren wilde dieren. Zij overleefden door te eten wat er in de omgeving te vinden of te vangen was. Ze zorgden zelf voor een gevarieerd menu door bijvoorbeeld prooidieren te eten die planteneter waren. De prooi ging niet eerst de pan in, maar ze aten het met huid en haar. Dus ook, jawel, de volledige inhoud van maag en darmen. En zo aten de honden dus het gras, de bloemen, de wortels, de planten en de kruiden.

Een aantal planten uitgelegd

We snappen dat je nu niet zomaar kruiden aan je hond wil geven. Het goede nieuws is dat in we onze hondenvoeding een aantal kruiden gebruiken. Dit zijn de meestvoorkomende en hun nuttige eigenschappen.

Brandnetel

Brandnetel kennen we vooral van de blaasjes op de huid en misschien de thee, maar het is ook enorm zuiverend! Het is ook bacteriedodend, wat ideaal is bij het behandelen van infectieziekten. De bladeren werken ook heel goed tegen diarree en andere spijsverteringsstoornissen

Fenegriek

Fenegriek is, net als de erwt, een plant uit de vlinderbloemenfamilie. Ook wel bekend als ‘foenegriek’ en ‘Grieks hooi’. Het is rijk aan ijzer en koper en aan saponine en coumarinen, wat helpt bij aderproblemen. Daarnaast is het ontstekingswerend en bevordert het de galproductie.

Goudsbloem

De goudsbloem — we noemen het ook wel ‘calendula’ — behoort tot de composietenfamilie. Het werkt goed tegen huid-, mond-, keel-, spijsvertering, oog- en voetklachten. En het voorkomt ontstekingen en schimmels.

Ben je op zoek naar het juiste voer voor jouw hond? We hebben een handig overzicht van hondenrassen en welk voer met welke planten daar het best bij past.